sluiten

delen op

De offers

In het bijbelboek Leviticus kun je lezen over de offers die het volk Israël aan God bracht nadat ze bevrijd waren uit de slavernij in Egypte (zie vooral Lev. 1-7). Maar ook al eerder in de bijbel kun je lezen over verschillende momenten waarop mensen aan God offerden. Zo brachten Kaïn en Abel, Noach, Abraham, Isaak en Jakob offers aan God. Ze deden dat om God te aanbidden of hem iets te vragen, maar ook wel uit dank voor een bepaalde gebeurtenis. Nadat Mozes op de berg Sinai de wet van God en de daarbij horende voorschriften had ontvangen, moest er door of voor het hele volk op bepaalde momenten geofferd worden. Daarnaast kon men nog steeds, zoals voorheen, vrijwillig een offer aan God brengen. Waar diende een offer eigenlijk voor? Sommige offers waren bedoeld om God iets aan te bieden, als dank voor het feit dat hij alles gemaakt heeft en alles van hem afkomstig is. Er waren ook offers die gebracht werden als een groep mensen bij elkaar kwam om samen te eten in de tempel: een deel van het dier werd als lofprijzing aan God gegeven, de rest werd tijdens een gemeenschappelijke maaltijd opgegeten.

Verzoening

Andere offers waren ingesteld om verzoening te brengen tussen God en de mensen. Als iemand Gods geboden had overtreden, kon hij een dier offeren aan God. Dan kreeg het dier in feite de straf die degene die het offer bracht verdiende. De overtreding van de persoon werd dan als het ware goedgemaakt door het bloed van het offerdier dat werd gedood. Dit noemt de bijbel ook wel ‘verzoenen’.

De offers

Het Hebreeuwse woord voor ‘verzoenen’ kun je ook letterlijk vertalen met ‘bedekken’ (het bloed van het offerdier ‘bedekt’ de zonde). Na een offer was de relatie tussen de mens(en) en God weer hersteld.

Hogepriester

Bij het brengen van de offers in de tabernakel en de tempel speelden de priesters een bijzondere rol (zie het boek Leviticus). De priester voerde ook met het bloed van een offerdier de verzoeningsrite uit, zoals die bijvoorbeeld is beschreven in Leviticus 4:16-20. De belangrijkste priester was degene die in later tijd de hogepriester werd genoemd: de opvolger en nakomeling van Aäron. Hij kon verzoening bewerken voor het hele volk en mocht eenmaal per jaar het allerheiligste binnengaan. Hij sprenkelde dan bloed van een offerdier op het gouden deksel van de ark (de verzoeningsplaat). Zie Leviticus 16:14-15. In de brief aan de Hebreeën wordt Christus met deze hogepriester vergeleken. Maar Christus is niet alleen hogepriester, hij is zelf ook het offer. In het Nieuwe Testament wordt de term ‘offer’ namelijk toegepast op het lijden en sterven van Jezus. Een goed voorbeeld hiervan vind je in Hebreeën 9:11-28. Volgens Hebreeën is Christus het ultieme offer geworden om de mensen voor eens en voor altijd te bevrijden van de zonde en hen opnieuw in contact te brengen met God. Hij heeft al onze zonden ‘bedekt’ met zijn bloed. Dankzij zijn offer voor ons kunnen wij bij God komen. Offeren zoals in de wet van Mozes is voorgeschreven, is dus voor ons niet meer nodig. Een overzicht van de belangrijkste offers die we kennen uit het Oude Testament, staat op de volgende pagina.

De belangrijkste offers die we kennen uit het Oude Testament zijn:

Brandoffer

Een brandoffer is een offer van een dier (geit, schaap, rund, duif) dat op het altaar in zijn geheel wordt verbrand. Het offerdier moet mannelijk zijn en mag geen gebrek hebben (Lev. 1; 6:1-6). Door een hand op de kop van het dier te leggen (Lev. 1:4) verklaart de offeraar dat het dier in zijn naam wordt aangeboden en het hem representeert. In de tabernakel en later in de tempel werd elke ochtend en elke avond een ram geofferd. Over brandoffers lees je onder meer in Leviticus 1.

Gelofteoffer

Het gelofteoffer is een soort vredeoffer, maar dan wel een offergave waartoe men zich door een gelofte heeft verplicht (Lev. 7:16).

Graanoffer

Net als het reukoffer en het wijnoffer is het graanoffer een onbloedig offer. Dat zijn offers die bestaan uit meel met olijfolie, zout en wierook, of uit broden die op een speciale manier in de oven gebakken of in een pan bereid zijn. Een graanoffer is een gave van de Israëlieten aan God. Zo wijden zij hun dagelijks voedsel aan hem. De priesters mogen een deel van het graanoffer eten. Lees meer over het graanoffer in Leviticus 2, 5:11-13, 6:7-16, 10:12-13 en 24:5-9; Numeri 5:15.

Reukoffer

Net als het graanoffer en het wijnoffer is het reukoffer een onbloedig offer. Het reukoffer bestaat uit specerijen. De samenstelling en het gebruik van het reukoffer wordt beschreven in Exodus 30:34-38. Reukwerk dat niet volgens de voorschriften is klaargemaakt, is verboden. Voor het brengen van reukoffers is in de tabernakel een apart altaar gereserveerd. Het altaar is voor een deel met goud overtrokken en staat vlak bij de ark. Iedere ochtend en avond verbrand de priester geurige kruiden en wierook op het altaar. In de tabernakel, en later ook in de tempel, is het reukofferaltaar het meest heilige altaar (Ex. 30:1-10).

Reinigingsoffer en hersteloffer

Een reinigingsoffer wordt gebracht voor onopzettelijke zonden. Bijvoorbeeld als een priester onbedoeld een fout maakt

De offers

tijdens de dienst in de tabernakel, of als iemand uit het volk beseft dat hij iets gedaan heeft dat niet mag. Ook voor het hele volk kan zo’n offer gebracht worden in de vorm van een stier, een bok, een schaap, een geit of een duif. Het offer herstelt de relatie met God en de ander. Het reinigingsoffer wordt beschreven in Leviticus 4:1-5:13 en 6:17-23. Over het hersteloffer is te lezen in Leviticus 5:14-26, 7:1-7, 14:10-31 en 19:21; Numeri 6:12.

Vredeoffer

Voor het vredeoffer wordt een dier (rundvee of kleinvee) gebruikt. Het is bedoeld om een goede verhouding tussen God en de offeraar uit te drukken of teweeg te brengen. Een vredeoffer kan gebracht worden als betuiging van dank. Wie vrijwillig een vredeoffer brengt, legt de hand op de kop van het dier, en slacht het daarna (Lev. 3; 7:11-36). Met de handoplegging brengt de offeraar zijn intenties over op het dier. Een deel wordt geofferd, een deel wordt gegeten door de priesters en/of gebruikt voor een offermaaltijd met vrienden en familie (Lev. 7:28-36; 10:12-15). Alleen bepaalde delen van het offerdier worden bij dit offer op het altaar verbrand.

Wijdingsoffer

Een offer dat werd gebracht ter gelegenheid van de wijding van de priesters. Zie Exodus 29:22-34; Leviticus 8:22-35.

Wijnoffer

Net als het graanoffer en het reukoffer is het wijnoffer een onbloedig offer. Op verschillende plaatsen is het brengen van een wijnoffer voorgeschreven: zie Exodus 29:40-41; Leviticus 23:13,18,37; Numeri 15:4,7,10,24; 28:7. Met het wijnoffer wil men uitdrukken dat alle levensonderhoud afkomstig is van God. Een gedeelte van het wijnoffer wordt over het altaar uitgegoten. Zo heiligt men de drank.

Icon--close Icon--search Icon--sort-alpha-asc Icon--book Icon--bullseye Icon--info Icon--eye Icon--filter Icon--bars Icon--caret-down Icon--caret-up Icon--comments Icon--arrow-left Icon--arrow-right Icon--arrow-up Icon--arrow-down Icon--arrow-right-circle Icon--share Icon--stack Icon--link Icon--rainbow Icon--angel eo